Moleculaire verbinding · lineair molecuul
Koolstofdioxide
CO₂
Koolstofdioxide is CO₂ en het evenwichtsmolecuul is lineair: O=C=O. De twee C=O-bindingen zijn polair, maar hun dipolen heffen elkaar door symmetrie op.
Opgelost CO₂ is niet automatisch koolzuur. In water staat fysisch opgelost CO₂ in evenwicht met een kleinere hoeveelheid H₂CO₃ en andere zuur–base-soorten.
Basis
CO₂ is lineair.
Eén koolstofatoom ligt tussen twee zuurstofatomen. De O–C–O-richtingen staan in de evenwichtsstructuur 180° uit elkaar.
In detail
Polaire bindingen kunnen toch een nettodipool van nul geven.
De C=O-bindingsdipolen zijn even groot en precies tegengesteld. Symmetrie is daarom even belangrijk als bindingspolariteit.
De formule lezen
De formule lezen
1 CKoolstof
2 OZuurstof
Begrijpen
Opgelost CO₂ en koolzuur moeten worden onderscheiden.
CO₂(aq) betekent fysisch opgelost koolstofdioxide. Slechts een deel hydrateert tot H₂CO₃, dat daarna aan zuur–base-evenwichten kan deelnemen.
Referentiegegevens
Referentiegegevens
| Formula | CO₂ |
|---|---|
| CAS | 124-38-9 |
| PubChem CID | 280 |
Verdieping
Verdieping
Waarom is CO₂ als geheel apolair?
De twee gelijke C=O-dipolen wijzen in de lineaire structuur precies tegengesteld en heffen elkaar op.
Is al het CO₂ in water H₂CO₃?
Nee. Opgelost CO₂ en koolzuur zijn verschillende evenwichtssoorten.
Samenstellende elementen