Waterbehandeling
Chloor speelt een rol bij waterbehandeling. De relevante eigenschap hangt af van de chemische vorm, samenstelling en het materiaal of proces waarin het element wordt gebruikt.
Chloor (Cl) is element 17 van het periodiek systeem, een diatomisch niet-metaal in groep 17, periode 3 en het p-blok. De elektronenconfiguratie [Ne] 3s2 3p5 helpt verklaren hoe het element bindt en reageert; de referentietoestand bij kamertemperatuur is gas.
Halogenen hebben zeven valentie-elektronen. Eén extra elektron voltooit de buitenste schil, waardoor halide-ionen met lading −1 veel voorkomen; covalente halogeenverbindingen vormen daarnaast een brede chemie.
Bij chloor verklaart de configuratie [Ne] 3s2 3p5 de sterke neiging om elektronen aan te trekken. Het vrije element is reactief en komt daarom in de natuur voornamelijk in verbindingen voor.
Het vrije element is reactief en moleculair of anderszins alleen onder gecontroleerde omstandigheden aanwezig. Halide-ionen zijn zeer algemene chemische vormen; daarnaast bestaan waterstofhalogeniden, interhalogeenverbindingen en zuurstofhoudende verbindingen.
Bij kamertemperatuur is de referentietoestand gas. De vermelde dichtheid is 3.2 g/L. Het smeltpunt is 172.2 K (-100.9 °C). Het kookpunt is 239.1 K (-34.04 °C). Druk, zuiverheid en kristalstructuur kunnen gemeten waarden verschuiven; bij elementen met meerdere allotropen kan ook de structuur zelf een duidelijk verschil maken.
In de praktijk komt chloor vooral naar voren in toepassingen en contexten zoals waterbehandeling, pvc en chemische synthese.
Chloor speelt een rol bij waterbehandeling. De relevante eigenschap hangt af van de chemische vorm, samenstelling en het materiaal of proces waarin het element wordt gebruikt.
Chloor speelt een rol bij pvc. De relevante eigenschap hangt af van de chemische vorm, samenstelling en het materiaal of proces waarin het element wordt gebruikt.
Chloor speelt een rol bij chemische synthese. De relevante eigenschap hangt af van de chemische vorm, samenstelling en het materiaal of proces waarin het element wordt gebruikt.
Chloor staat in periode 3, groep 17 en het p-blok. De getoonde omgeving bevat onder meer Zuurstof, Fluor, Neon, Zwavel. Vergelijking met deze elementen helpt trends in atoomgrootte, ionisatie-energie, elektronegativiteit en binding langs het periodiek systeem te volgen.
De waarden beschrijven het element of het neutrale atoom waar van toepassing. Fysische gegevens kunnen afhangen van allotroop, druk, zuiverheid en meetomstandigheden.
De ontdekking van chloor wordt in deze historische registratie in verband gebracht met Carl Wilhelm Scheele. Herkenning als element, isolatie van een zuiver monster en de latere definitie via het atoomnummer vonden niet noodzakelijk op hetzelfde moment plaats.
Het standaard atoomgewicht wordt weergegeven als het interval [35.446, 35.457]. Natuurlijke monsters kunnen enigszins verschillen in isotopenverhouding, zodat één vaste decimale waarde echte variatie zou verbergen.
Chloor heeft ten minste één stabiele isotoop. Isotopen hebben hetzelfde aantal protonen en horen dus bij hetzelfde element, maar verschillen in neutronental en atoommassa.
De risico’s van chloor hangen af van chemische vorm, dosis en blootstellingsroute. Het element, zijn ionen en zijn verbindingen kunnen zeer verschillende biologische en milieueffecten hebben; controleer daarom de veiligheidsgegevens van de werkelijk gebruikte stof.